Volledig embleem Koninklijke Gezellen van Sint-Hubertus Koninklijke Gezellen
van Sint-HubertusWiemesmeer · sinds 1956

Erfgoed & repertoire

Jachthoornfanfares

Het geluid van de honden en het geschal van de jachthoorn zijn sedert eeuwen onafscheidelijk met elkaar verbonden in de Franse “chasse à courre” of lange jacht te paard.

De “trompe de chasse” is het communicatiemiddel bij uitstek tijdens de jacht. De zogeheten “fanfares de circonstances” of omstandigheidsfanfares zijn voor jagers, die zich vaak op grote afstand van de meute en de piqueux bevinden, het enige middel om elkaar op de hoogte te houden van het verloop van de jacht. Alleen de jachthoorn, die op grote afstand te horen is, geeft informatie over de richting, de wildsoort en de verdere evolutie van de jacht. Wanneer bijvoorbeeld het wild te water gaat, wordt “le bat l’eau” geblazen; als het uit het bos vlucht, “le débuché”; wanneer het wild een ree is, “le chevreuil”. Zo heeft elke beweging haar fanfare. Ook richt de taal van de trompe zich tot de honden: zij moedigt hen aan met fanfares waarvan de hoge tonen hun gevoelig gehoor prikkelen.

Onder alle blaasinstrumenten houdt de jachthoorn het meest intiem verband, wat oorsprong en prestige betreft, met de oudste en rijkste Franse tradities. Voor het uitwisselen van berichten bedienden de jagers zich oorspronkelijk van het cornet, gemaakt van een dierenhoorn. De huidige jachthoorn is de “trompe d’Orléans”, gewonden in drie en een halve winding, gestemd in re, met een lengte van 4 meter 54 en een bereik van vijftien natuurtonen. Zij ontstond in 1818 onder koning Louis-Philippe en was afgeleid van de grote “trompe de Dampierre”, die in één winding was gebogen en te paard erg moeilijk mee te nemen was.

Markies de Dampierre was de jagermeester van Lodewijk XIV. Hij ontwikkelde deze trompe omstreeks 1723. Ook schiep hij de specifieke manier van blazen, de “cadans de vénerie”, zoals die heden ten dage nog in voege is. Voorts schreef hij talrijke “fanfares de vénerie” en bundelde deze met de bestaande.

De muziekkunst van het jachthoornblazen staat sinds 2020 op de Representatieve Lijst van het Immaterieel Cultureel Erfgoed van de Mensheid van UNESCO. Lees over de erkenning

Franse jachthoorn omrankt met klimop

Hoe een fanfare klinkt

Van galop tot radoucis

Kenmerkend voor de jachtfanfares is de 6/8-cadans, die aan de galop van een paard doet denken. Die opzwepende ritmes worden afgewisseld met rustiger, zachter geblazen “radoucis” — de tegenpolen binnen eenzelfde stuk. Een fanfare wordt bovendien nooit door één stem alleen geblazen: de groep verdeelt zich in eerste, tweede en basstem, opgesteld in de traditionele V-vorm met het paviljoen van de hoorn naar het publiek gericht, zodat de klank zich tot één geheel verenigt.

Tien van deze sonneries staan, ingesproken en wel, verzameld op onze audiopagina.

Beluister de sonneries

Voor uw evenement

Boek de Gezellen

Van Sint-Hubertusvieringen tot huwelijken en jubilea — wij verzorgen de muzikale omlijsting met de klank van de Franse jachthoorn.

Boek ons